De landelijke daling van minderjarige verdachten klinkt geruststellend, maar voor Nieuwegein is daar nog weinig reden toe. Volgens nieuwe, voorlopige CBS-cijfers telde Nederland in 2025 130 minderjarige verdachten per 10.000 minderjarige inwoners. In Nieuwegein lag dat cijfer op 136. In Utrecht was dat 121. Wie dus roept dat het probleem aan het wegzakken is, heeft landelijk misschien een punt, maar kijkt lokaal te makkelijk weg.
Nieuwegein is daarmee geen extreme uitschieter, maar zit wel gewoon boven de landelijke lijn. En dat is precies het punt. Een stad hoeft niet bovenaan een verkeerde ranglijst te staan om een serieus probleem te hebben. Zolang Nieuwegein boven het Nederlands gemiddelde blijft hangen, is tevreden achteroverleunen misplaatst.

Het CBS meldt dat het aantal minderjarige verdachten sinds 2022 landelijk met 12 procent is afgenomen, van bijna 18.000 naar bijna 16.000 in 2025. Tegelijk staat in dezelfde cijfers dat minderjarigen nog altijd relatief vaak als verdachte in beeld komen. Dat maakt dit geen succesverhaal met een strik eromheen, maar eerder een signaal dat de daling er wel is, terwijl het onderliggende probleem nog lang niet verdwenen is.
Daar komt bij dat het CBS ook laat zien waar het misgaat. Minderjarige verdachten worden het vaakst verdacht van winkeldiefstal. En in 2025 was 60 procent van de minderjarige verdachten een first offender, iemand die voor het eerst door de politie als verdachte werd geregistreerd. In 2022 lag dat aandeel nog op 65 procent. Dat betekent dus dat het niet alleen gaat om bekende namen of een vaste harde kern, maar nog altijd ook om nieuwe instroom van jongeren die kennelijk toch de verkeerde afslag nemen.
Preventie met Gezag
Nieuwegein erkent dat probleem zelf ook. Op de gemeentelijke pagina over de aanpak van jonge aanwas staat ronduit dat criminelen steeds vaker jongeren benaderen, soms al op heel jonge leeftijd, en dat vooral kwetsbare jongeren langzaam de drugscriminaliteit in worden gezogen. De gemeente zegt daarom in te zetten op Preventie met Gezag.
Nieuwegein draait al langer mee in Preventie met Gezag. In het huidige uitvoeringsprogramma beschrijft de gemeente dat de aanpak zich richt op vroeg signaleren, preventie en ingrijpen waar nodig, samen met partners als politie, OM, onderwijs en jongerenwerk. De gemeente ontvangt vanaf 1 juni 2026 in totaal 6,3 miljoen euro van het Rijk om jeugdcriminaliteit tegen te gaan en de aanpak verder te versterken. Het volledige aangevraagde budget is toegekend. Het geld valt onder het programma Preventie met Gezag en loopt door tot en met 31 december 2029.
Dat is geen overbodige luxe, maar bittere noodzaak. In een collegebesluit van 1 juli 2025 staat dat Nieuwegein voor 2026 tot en met 2029 opnieuw subsidie aanvraagt voor Preventie met Gezag. Daarbij wordt de bestaande aanpak voortgezet, met meer aandacht voor de online wereld, criminele families en de rol van meiden. In datzelfde besluit staat ook dat een samenspel van preventie en repressie essentieel is om te voorkomen dat jongeren in criminaliteit belanden of daar verder in afglijden.
Daarmee ligt de conclusie eigenlijk voor het oprapen. Ja, landelijk daalt het aantal minderjarige verdachten. Maar Nieuwegein kan zich daar nog niet achter verschuilen. Wie hier een positief verhaal van wil maken, moet eerst uitleggen waarom Nieuwegein nog altijd bóven het landelijk gemiddelde zit. Pas als dat cijfer echt onder die landelijke lijn duikt, valt er iets te vieren. Tot die tijd is dit vooral een waarschuwing, geen opluchting.
Het CBS spreekt nadrukkelijk over verdachten, niet over veroordeelden. Voor 2025 gaat het bovendien om voorlopige cijfers. Voor Nieuwegein noteert het CBS 136 minderjarige verdachten per 10.000 minderjarige inwoners, tegen 130 landelijk en 121 in Utrecht.
Ontdek meer van De Digitale Stad Nieuwegein
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.